Arbeidskunde en Diagnostiek
16309
page-template-default,page,page-id-16309,bridge-core-2.3,ajax_fade,page_not_loaded,,qode_grid_1300,overlapping_content,qode-child-theme-ver-1.0.0,qode-theme-ver-22.1,qode-theme-bridge,wpb-js-composer js-comp-ver-6.2.0,vc_responsive

Arbeidskunde en Diagnostiek

Arbeidskunde & Diagnostiek
Inovat is de enige vereniging, die arbeidskunde hoog in het vaandel heeft. Binnen Inovat ligt het accent op de mens (met of zonder beperking of afstand tot de arbeidsmarkt). Arbeidskunde is niet oubollig, maar juist heel erg actueel. De mensen, die nu nog in de kaartenbakken bij de gemeenten zitten (met een uitkering), hebben méér nodig dan een sollicitatietraining. Er dient degelijk arbeidskundig onderzoek uitgevoerd te kunnen worden, zodat de kansen ook voor die groep groter worden op de arbeidsmarkt. Dat onderzoek dient uitgevoerd te worden bij de kandidaat (werkloze), maar ook bij de potentiële werkgever. Een passende match tussen die twee betekent een Succesvolle Plaatsing.

 

Arbeidskunde?
Deze vraag is niet zo eenvoudig te beantwoorden. De term “arbeidskunde” staat voor een breed begrip, dat zich in de loop der jaren steeds verder heeft ontwikkeld. Arbeidskunde is onderdeel van bedrijfskunde. Ook een bedrijfskundige gebruikt onder andere arbeidskundige technieken. Vaak worden de twee termen – ten onrechte – door elkaar gebruikt.

 

Arbeidsstudie
Is een verzamelnaam voor een aantal methoden en technieken, welke zijn gericht op een effectieve en efficiënte bedrijfsvoering. In 1956 werd, op voorstel van de Vereniging Ontwikkeling Arbeidstechniek (VOA), een bijzondere commissie binnen het Nederlands Instituut voor Efficiency (NIVE) ingesteld ter vaststelling van de nomenclatuur van de arbeidstechniek. Men constateert, dat er nog grotere verschillen in woordgebruik en interpretatie bestaan dan reeds werd verondersteld. Uiteindelijk leidde dit tot het ontstaan van de “Nomenclatuur Arbeidsstudie”(NEN 3147).

 

Arbeidsstudie wordt hierin omschreven als:
“Het onderzoek van de arbeid door middel van waarneming en analyse, alsmede door het opsporen van invloedfactoren en hun relatie tot het arbeidsproces, met het doel te geraken tot een doelmatiger uitvoering van de arbeid en tot een beter bedrijfsbeheer”.

De term “arbeidsstudie” verkozen boven de termen:

  • “arbeidsanalyse”, omdat de studie niet alleen bestaat uit analyse, maar ook uit synthese
  • “arbeidstechniek”, omdat deze term teveel doet denken aan de technologie van het proces, of de technieken welke bij arbeidsstudie worden gebruikt, of een mechanische beschouwing van arbeid
  • “arbeidskunde”, omdat die term een wijder gebied suggereert dan in de betreffende publicatie wordt bestreken.

 

Het volledige gebied van de arbeidsstudie omvat volgens de commissie:

  • Werkmethodestudie
  • Tijdstudie
  • Bewegingsstudie
  • Bewerkingsstudie
  • Processtudie
  • Resultaten van de ergonomie.

 

Tegenwoordig hanteren we veelal de term “arbeidskunde” in plaats van “arbeidsstudie”, waarbij (onder andere) de bovengenoemde gebieden als arbeidskundige technieken worden omschreven.

 

Arbeidsdiagnostiek
Arbeidsdiagnostiek gaat over de optimale afstemming tussen mens en werk, waarbij de mogelijkheden van de mens centraal staan. Arbeidsdiagnostiek gaat daarbij een stap verder dan het inzetten van arbeidskundige instrumenten.

 

Opleiding
Op het gebied van arbeidsdiagnostiek is een uniek opleidingstraject ontwikkeld. Binnen dit traject is het mogelijk een erkend diploma te behalen, zowel op MBO als op HBO niveau. Het doel is zo breed mogelijk te worden opgeleid om arbeidsonderzoek uit te kunnen voeren (MBO) of leiding te geven aan arbeidsonderzoekers (HBO).

 

Register
Het opleidingstraject is in beheer bij de Stichting Register Arbeidsdiagnostiek. Gediplomeerden zijn gerechtigd om te worden ingeschreven in dit Register.